Grand Hotel Lembang

Het inmiddels klassieke debuut van Kester Freriks uit 1979 over de terugkeer van een Nederlands gezin uit het voormalige Nederlands-Indië. In zeven samenhangende verhalen beschrijft Grand Hotel Lembang de pijn van het afscheid van Indië, de vijandschap in het winterse Nederland, het verlies van een paradijs. Het gezin dat Kester Freriks schetst behoort tot de laatste 40.000 Nederlanders die op 31 december 1958 gedwongen de kolonie moesten verlaten. Deze laatste emigratiegolf is in de literauurgeschiedenis niet eerder beschreven. Grand Hotel Lembang schaart zich in de rijke literaire traditie over het tropische eilandenrijk van Indonesië.
Na de vrijheidsstrijd die het gezin in Djakarta meemaakt, vluchten vader, moeder en twee kinderen naar Nederland. De vader is telegrafist bij de Indonesische luchtvaartmaatschappij Garuda, destijds een dochteronderneming van de KLM. De jongste zoon is vier jaar. Vanuit zijn perspectief zijn de verhalen geschreven.
De slotzin van de lange verhalencyclus ‘Indië & later’ geldt als het literaire motto van Kester Freriks: ‘Wat voortduurt is de voorbije tijd en de verwondering daarover.’
Het verhaal ‘Indonesische biografie’ besluit met het vertrek uit Indië: ‘Op het vliegveld Kemajoran wordt het hoge gras door de zuiging van de loeiende motoren van de Douglas DC-6 omlaaggestuwd. De aarde trilt. De propellers worden sterker aangedreven. Als de wielen de grond loslaten zie ik het gras terugveren. De zon schijnt door het raampje in mijn gezicht. Verblindt mij. Indonesië bestaat niet meer. Het is een afscheid zonder hulde. Als een vlucht.’
In NRC Handelsblad schreef Eddy Mielen: ‘In zijn pogingen z’n land van herkomst te achterhalen en het in te passen in zijn bestaan, is Kester Freriks op voortreffelijke wijze geslaagd.”
Wim Sanders in Het Parool: ‘Schrijven kan hij zeker…’
Frans de Rover in Vrij Nederland: ‘Freriks slaagt erin een overtuigend beeld te schetsen van een opgroeiende jongen in een voor hem aanvankelijk vreemd en zelfs vijandig klimaat. ‘Grand Hotel Lembang’ is het relaas over een jongen die zijn eigen vleugels uit leert slaan.’

Grand Hotel Lembang. Verhalen. Uitg. Meulenhoff, Amsterdam 1979